Harlingen, inventarisatieboeken door de WAO

Sinds september 2016 zijn leden van de Werkgroep Archiefonderzoek, een werkgroep van de Vereniging Oud Harlingen, bezig met het overnemen van de belangrijkste gegevens uit de 33 Inventarisatieboeken van Harlingen. In deze boeken staan verslagen van inventarisaties van sterfhuizen, zoals die plaatsvonden van 1589 tot 1727. Het project RedBot stelde hiervoor welwillend de foto's van deze inventarisatieboeken beschikbaar, het Hannemahuis een werkruimte en het Stadsarchief inhoudelijke ondersteuning. We zijn ze dankbaar.

De inventarissen die aan een bepaald adres zijn toegeschreven zijn ook zichtbaar via 'Huizen -> Zoek je huis'. In onderstaande lijsten is dat adres ook zichtbaar. Een groen adres geeft aan dat het adres vrij zeker juist is. Bij niet groene adressen is dat minder zeker, maar het is hopelijk toch minstens in de buurt. Zoals altijd zijn de kolommen te sorteren door op de kolomkop te klikken, boven de tabel kan snel naar de juiste letters of de juiste pagina worden gesprongen, en door op een adres te klikken verschijnt de pagina met alle bekende gegevens van dat adres.

N.B. Alleen als de lijst is gesorteerd op datum, is de extra kolom 'relatie' te zien, omdat die alleen dan de relatie met de volgende persoon in de lijst kan weergeven.

Gegevens uit bronnen worden zorgvuldig overgenomen, maar lees- en typfouten zijn onvermijdelijk. Gegevens die niet in de bron staan maar door mij zijn aangevuld op basis van andere bronnen of andere gegevens uit dezelfde bron, zijn voorzien van een *. Gegevens die door mij aangepast of geïnterpreteerd zijn, zijn zoveel mogelijk voorzien van een verduidelijkende toelichting tussen [blokhaken]. Bij het overnemen van eigennamen is de originele spelling gehandhaafd. Soms is echter te voorzien dat een kennelijke schrijf- of spelfout in de bron een probleem zal geven bij het zoeken naar een eigennaam of bij het maken van een alfabetische index. In zo'n geval is de juiste of meest voorkomende spelling van een eigennaam aangehouden, met toevoeging van een toelichting tussen [ ]. Bij het overnemen van plaatsnamen, straatnamen en beroepen die in alfabetische indexen terecht komen is voor zover mogelijk de moderne spelling aangehouden, om het zoeken te vereenvoudigen. Mogelijk staat in een bron bijvoorbeeld Doccum, terwijl op deze website Dokkum staat. Zo wordt een glaesemaecker een glasmaker. Die spelling is voor het doel van deze website (het ontsluiten van bronnen, niet het transcriberen van bronnen) niet belangrijk.



Deze gegevens zijn voor het laatst bijgewerkt op 2021-11-01 18:02:05



Vindplaats:  Tresoar, Nedergerecht Harlingen (13-16) inventarisnummer 211 folio 121r

Pand:  Lanen 54

Inleiding:  [0121r] Inventarisatie ende beschrijvinge gedaen ende gemakt ten owerstaene van de heren burgemeesteren Jacobus Voorda ende Hendrick Coenraets Ludinga als commissarien, geadsocieert met dr. Dominico Wringer secretaris, in 't sterffhuis van den E. Gellius Vetzensius in lewen oldt burgemeester deser stede Harlingen ende procureur postulant aldaer, van alle de goederen, actien ende crediten bij den selwen oldt burgemeester metter doodt ontruimt ende naegelaten ende ten selwen sterffhuise bevonden, alles ten versoecke van coopman Jurrien Syborgh als man ende voogdt van Antie Vetzensius, Geert Albarts van Minden als bestevader ende geauthoriseerde curator ower de drie naegelaten kinderen van de owerleden fiscaal Theodorus Vetzensius bij sijn dochter Geeske Geerts van Minden in echte verweckt, mr. Cornelis Vetzensius voor hem selffs ende Pytter Jelles wieldraeyer als old oom ende geauthoriseerde curator over Jacobus Vetzensius sampt Jan Wybrandts als oom ende geauthoriseerde curator over Abrahamus Vetzensius in dier qualiteit gesamentlijck ende respectievelijck elx voor een vijftepart erffgenamen van welgedachte [0121v] owerledene haer vader ende bestevader, sijnde de aengevinge van de huisgeraden ende inboelen gedaen bij Dirkjen Jans als dienstmaegt in den sterffhuise ende alsoo 't selwe gefraequenteert hebbende, nae belofte van getrouwigheyt daer toe staende in handen van de heer mede commissaris Hendrick Coenraedts gepraesteert, ende is daerop vorders geprocedeert als volgt. Actum den 7 octobris 1672.

Inventaris: 
[0121v] Bedden ende bedtscleren: 
vier bedden met peulen 
negen oorckussens 
negen deeckens 
vier paer gordijnen met rabatten 
vier en twintigh stoelkussens 
 
Linnen buiten de kassen zijnde: 
veertien slaeplaekens 
vier wijtlingen 
drie peuldoeken 
veertien slopen 
 
[0122r] drie bedts schorteldoeken 
sewen mans hemden 
vier tafellaekens 
acht serwetten 
een halff laeken en een kasdoek 
vier dassies 
sewentien neusdoeken 
sewentien beffen 
vijftien paer ponjetten 
een mans ondermuts 
een paer linnen onderhosen 
 
Houtwerck: 
twee eecken cassen besegelt 
een eecken schabel 
een eken pulpetum besegelt 
twee grootte schilderijen 
noch ses kleyne schilderijen 
een spiegel 
een kleerbesem en stoffer 
 
[0122v] drie swarte stoelen 
ses slechte stoelen 
een besloten stoel 
 
Tinn, mesch en coperwerck: 
twee tinnen schuttels 
een blicken tromp 
een witte kanne met een silveren lidt 
een tinnen waterpot 
een tinnen pennaeldt 
een mingel en een halff mingel 
een blicken beffcas 
twee witte schaelen 
een passer, bierglas, en enige glaesen 
een blau kantie met een tinnen lidt 
een fiool noch 1 dito 
een paer schoenen 
twee Oost Indische copkes 
twee Oost Indische clapmutsches 
vijff slechte pannen voor de schorsteen 
noch drie op de zijde 
twee steenen flessches 
twee copkes 
drie grootte slechte coppen 
 
[0123r] een kleyn rondt affbeeldtsel van de owerleden olde burgemeester [portret van Gellius Vetzensius] 
een hoornen pennaeldt 
 
In 't voorkamerke: 
een kantoor besegeldt 
een setbanck 
een swarte vrouwenstoel 
noch drie swarte stoelen 
een groen hoepkestoel 
[doorgehaald: noch drie swarte stoelen] 
een pulpetum 
een spiegel 
vier viercante schilderijen 
twee achtcantige schilderijen 
vier albastarde bordties 
noch twee bordties 
 
Oost Indisch goedt: 
drie dubbelde butterschuttels 
twee enkelde butterschuttels 
twee klapmutsches 
twee kopkes 
vijff vruchtschaelties 
 
[0123v] drie feugelties 
twee slechte butterpanties ende een schutteltie 
 
In 't voorhuis: 
negen schilderijen soo groot als kleyn 
een klein prentie 
een uirwerck met de koker 
een verfde achtcantige tafel 
een toonbanck 
twee stoelen 
een plattie 
 
In de gange: 
een murmurde kas daerop staende twee tinnen kandelaers ende een messchen vijsel ende een glaesen kantie 
een lanteern 
sewen schaelen 
ses stenen tafelborden met een butterpantie 
een eeken rack 
een mantelstock 
twee glaedborden 
drie prenten 
twee houten backjes 
 
[0124r] drie bordties 
een tinnen mosterpot ende een soutvat 
 
Op de opcamer: 
een grootte kiste met twee schamels 
een kinder kistie met een schabeltie 
een slaepbanck 
een brieffkas 
een groene stoel 
een lanteern 
een kerckstoel 
een becken 
twee bordties 
drie kleyne kinderkanties 
 
Op de keer souder: 
een tafel met twee schaemels 
een kiste besegeldt 
een pulpetum 
een brieffkas 
een vleysvat 
twee oude stoelen 
een vat met oude lappen 
 
[0124v] een blauwe kiste 
een oude naykorff 
een fles 
een halff stuck dweylgoedt 
een kanne 
ses soete melx keesen met het bordt 
twee ledders 
een pieck 
enich turff en hout soo imbijren als anders 
twee voeren van wanboysen 
twee roode hemdtrocken 
een gele onderbroek 
een rood buffels gesontheyt 
vier linnen geldtsacken 
een paer witte hosen 
drie mutsen 
een groen tafelspreedt 
drie kleerstocken 
een raeger met een stock 
een rondt bordtie 
 
[0125r] In de loodts: 
drie treeften 
een koeckpanne 
een hackbordt 
een roode turffback 
een bijle 
een stenen dooffpot 
een oudt kinder stoeltie 
twee tobben en wasschamel 
een etelkassie 
een kleyn topke met twee oren 
twee water emmers 
twee kleercorwen 
een turffvat 
een grootte en een kleyne tange 
een haeck met een tou 
een rooster 
een hangijser 
een hackmes 
een potzeel ende puister 
 
[0125v] een houten zoutvat 
twee kandelaers 
een houten keerslaedt 
een messchen standtkandelaer ende snuiter 
een tafel 
een rack 
twee schermen een groot met een kleyn 
een gordijn met een ijseren roede 
drie stoelen 
twee oude stowen 
drie witte schaelen 
twee tinnen schuttels 
drie tinnen sacierckes 
een tinnen kom 
twee albastarde bordties 
een blau schaeltie 
drie prenten 
twee mangelstocken en mangelbordt 
twee drinckkannen een grootte en een kleyne 
een strijckijser met het roosterke 
 
[dubbel genummerd: 0125r] (scan 211_00075) 
twee kleerbesems ende een stoffer 
een meelvatie ende dooske 
een kruiddoos 
 
Op de plaets: 
een messchen gootlingh 
twee messchen potten met lidden 
een eyerpantie 
een schuimspaen 
een coperen bofferts lidt 
een witte gattiepanne 
een schilderde cop met twee oren 
enich schuttelgoedt 
enich potgoedt 
een slijpbordt 
twee leuywagens 
een hamer 
 
[dubbel genummerd: 0125v] (scan 211_00075) 
drie besemstocken 
een lange stoffer 
twee puthaecken 
enige houten tafelborden 
een schuirbackje, tople en een boender 
vier tinnen lepels 
drie witters 
twee coperen kranen 
een houten tap 
elff stenen tafelborden 
 
Uit de tuin gebracht: 
een spiegel en een schael 
drie prenten 
vier schilderijtjes 
drie stoelen 
een visemmer 
een tick tacks bordt cum annexis 
een zetbanck 
 
[0126r] In 't pulpetum nae ontsegelinge bevonden 
[marge: den 8e octobris voor noen] 
negen ducatons a 3-03-00 
twee valueerde rijxdaelders 
een viercante halwe rijxdaelder 
een silveren brilcas 
 
Brieven ende instrumenten: 
Enige quitantien van de executeur Focke Oltholt aen de burgemeester Vetzensius als procureur van verscheyden partijen gepasseert, gequoteert met het woordt quitantien 
 
Een obligatie van dato den 1e novembris 1664 ende geregistreert in Barradeels hypotheecq boek, den 3e novembris des selwen jaers tot laste van Watze Claesen, woonachtich tot Sexbierum continerende als reste van meerder somma vijftien caroliguldens, 12 stuivers, 8 penningen, gequoteert met A f 50-12-08 
 
Een quitantie bij Obbe Hansen Bocq aen de burgemeester Vetzensius gepasseert tot 77 guldens van wegen sijn swaegers schip 
 
[0126v] Eysch van G Vetzensius nomine proprio als impetrant ende arrestant contra Claes Boyens gedachte ende arresteerde met het antwoordt van den gedachte daerop gevolgdt 
 
Een assignatie de dato den 22e may 1672 bij Tjerck Jurriens gepasseert aen de burgemeester Gellius Vetzensius, gequoteert met het selwe woordt 
 
Acte obligatoir van dato den 13e april 1665 tot laste van capitein Ruirdt Sanstra, ter somma van vijff en veertich caroliguldens capitael gequoteert met B f 45-00-00 
 
Een obligatie op Lourens Pytters Bruin cum uxore woonachtich op Grettinga Buiren, aen de olde burgemeester Gellius Vetzensius gepasseert den 14e may 1668 continerende de somma van capitael f 50-00-00 gequoteert met C 
 
Een obligatie van dato den 10e junii 1671 op Baucke Tjerx Brouwer ter somma van drie hondert caroliguldens capitael gequoteert met D f 300-00-00 
 
[0127r] Een obligatie op Jan Jacobs Houtenhuis cum uxore de dato den 12e augustii 1668 ter somma van een hondert drie en twintich caroli guldens cum intressis, onder deductie van twintich silveren ducatons daerin betaelt gequoteert met E 
 
Een obligatie op de olde burgemeester Paulus Wiltfangh [Pauwel Jansen Wiltfang (overl 1675), vroedsman 1654-1661, 1666-1668, 1673-1675; burgemeester 1662-1665; gezworen gemeensman 1669-1672], de dato den 8e july 1662 ende geregt ten hypotheecqboek deser stede den 22e augustii 1671 continerende als reste van meerder somma twee hondert caroliguldens capitael mette intressen sedert mey 1666 gequoteert met F 
 
Een reversalbrieff de dato den 17en januarii 1671 met daerop staende cessie van de erffgenamen van Timen Jacobs Hayema gedateert den 22en may 1671 holdende tot laste van de capitein Jan Jansen Vyselaer cum uxore ende ten proufijtte van 't sterffhuis ter somma van de twee termijnen ofte twee darde parten van een hondert twee en tachtich goltguldens, gequoteert met G 
 
[0127v] Twee sententien condemnatoir met daerop staende commissien ende executoriale besoignes voor de overleden burgemeester Gellius Vetzensius als impetrant ende triumphant op ende tegens de kinderen ende erfgenaemen van Nanne Jans ende Trijntie Hanses gedaagden ende gedoemden gequoteert met dubieuse schulden 
 
Acte van assignatie ende respectievelijk cessie bij Dirck Sybes ende Aeltie Lieuwes egteluiden aen ende ten proufijtte van de olde burgemeester Gellius Vetzensius ende Claes Burger cum socio gepasseert gedateert den 19e may 1671 gequoteert met deselwe woorden 
 
Notitie van de ontvangh ende uitgaeff bij de owerleden burgemeester Vetzensius gehadt ende gedaen wegens de halwe huisinge de Blauwe Handt [= Voorstraat 31] hem ende de secretaris Wringer toebehorende ende diverse quitantien daertoe specterende 
 
Een obligatie holdende op de stadt 
 
[0128r] Harlingen de dato den 23e july 1660 ten proufijtte van 't sterfhuis ter somma van 1000 gulden capitael gequoteert met H f 1000-00-00 
 
Noch een obligatie op deselwe stadt Harlingen gedateert den 17en junii 1672 ter somma van een hondert caroliguldens capitael, gequoteert met J f 100-00-00 
 
Een obligatie houdende tot laste van de vroedtsman Claes Jansen Faber van dato den 7en may 1668 ter somma van ses hondert caroliguldens capitael met de verschenen intressen gequoteert met K f 600-00-00 
 
Noch een obligatie tot laste van de selwe gedateert den 6en junii 1668 ter somma van twee hondert vijftich caroliguldens sorte met de maentgelden ofte intressen van dien tijdt aff daerop verschenen ofte vervallen gequoteert met L f 250-00-00 
 
[0128v] Een handtschrift obligatoir op voornoemde vroedtsman Faber in dato den 22e novembris 1669 ter somma van drie hondert vier en dartiich caroli guldens capitael cum interessis staende daerop in dorso bij de owerleden burgemeester Vetzensius eygeren handt met de loodtpenne aengetekent, hier op ontvangen een ordonnantie op rentemeester f 69-08-08 
een ordonnantie van f 78-00-00 
---------- 
Rentemr cort 1 1/12 ducaton gequoteert met M f 147-08-08 
 
Noch een kleyn handtschrift obligatoir tot laste van de selve vroedtsman Faber ter somma van een hondert caroliguldens te leen ontvangen gedateert den 22e februarii 1670 gequoteert met N f 100-00-00 
 
Nog een notule waerbij voornoemde Faber debet is van geleent geldt f 5-13-00 
 
Een obligatie van dato den 15en junii 1668 holdende op Daen Bartolts coopman woonachtich [0129r] aen St Anna Parochie op der Bildt ter somma van een duisent caroliguldens sorte, met de intressen daer op verschenen onder deductie van vijftich goldtguldens den 29e octobris 1669 op reeckeninge van de interessen daerop betaelt sampt ses hondert caroliguldens den 17e april 1671 in verminderinge ontvangen, gequoteert met O 
 
Een obligatie van den 5e may 1669 op de heer owerste luitenant jonker Joan van Roorda tot vijff hondert caroliguldens capitaal, met de interessen sedert die tijdt daerop vervallen gequoteert met P f 500-00-00 
 
Een obligatie in dato den 19e junii 1665 holdende op dominee Jacobus Stonebrinck bedienaer des H. Evangelii tot Tiommarum ende Firdgum ter somma van twee hondert caroliguldens capitaal, onder deductie van vijftich caroliguldens in verminderinge van de principaal ende interessen den 3e junii 1662 [0129v] daerin betaelt, met daerbij leggende recipis ende respectievelijck cessie off transport, in dato den 26e april 1671 bij gedachte Stonebrinck gepasseert van seecker reversaal brieff holdende op Jan Pytters cum uxore tot Tiomarum [= Tzummarum] ende een obligatie op Siouck Lieuwes wedu van wijlen Poppe Uilkes beyde daerbij annex, omme bij de crediteur daeruit ad concurrentem quantitaten ingevordert ende ontvangen te worden sijn competentie volgens bowen geseyde obligatie op voornoemde Stonebrinck holdende, die gequoteert is met Q 
 
Een handtschift van dato den 16e april 1670 op Feycke Claesen camerbode van't Collegie ter Admiraliteit alhier, holdende tot een hondert vijftich caroliguldens capitael gequoteert met R 
 
Handtschriften de datis den 17e februarii 1669 den 24e martii des selwen jaers, ende den 28e [0130r] februarii 1670 onder malkanderen op een papier staende ter somma van een hondert vijftich caroliguldens in een. twee en twintich caroliguldens een stuiver in een tweede, ende twintich caroliguldens in een darde parthij, respectievelijck ten laste van de sergeant Sioerdt Ariens Aerdenburgh onder deductie van een hondert vijff en twintich caroliguldens daerop betaelt, gequoteert met S 
 
Een handtschrift van den 24e augustii 1668 op de vroedtsman Saecke Romckes Gasma, ter somma van drie hondert caroliguldens capitael gequoteert T f 300-00-00 
 
Een handtschrift van den 5e augustii 1671 op de capitein Gauma tot Dockum ter somma van vijfftich caroliguldens, acht stuiwers, gequoteert met V f 50-08-00 
 
[0130v] Een obligatie op Ype Tjeerdts ende Martien Rinnerts wonende bij Ropta Zijll, gedateert den 5e may 1669 ter somma van een hondert caroliguldens capitael, gequoteert met W f 100-00-00 
 
Een handtschrift op Andries Jansen bijsitter van Barradeel van dato den 18e martii 1664 tot vijff en twintich caroliguldens capitael gequoteert met Y f 25-00-00 
 
Een obligatie gedateert den 11en september 1665 ten laste van Olphardus Belida ende Bouritius Belida vader ende soon repectievelijk, ter somma van twee hondert caroliguldens sorte f 200-00-00 gequoteert met Z 
 
[0131r] Een obligatie van den 17e januarii 1666 op de rector Olphardus Belida aleen holdende, met borgtogte voor twee dardeparten op de faendrager Hendrick Feyckes d'Wit ende Arien Gijsberts Altena, continerdende de somma van een hondert caroliguldens sorte gequoteert met AA f 100-00-00 
 
Een handtschrift gedateert den 1en september 1667 op Bouritius Belida voornoemt ter somma van hondert caroliguldens gequoteert met BB f 100-00-00 
 
Noch een obligatie confirmatoir bij de opgemelte Bouritius Belida gepasseert op den 7e januarii 1668 waerbij hij tot sijn laste neemt de bowenstaende drie vorige obligatien ende sich daer voren verbindt tot betaelinge breder daerinne geexpliceert gequoteert met CC 
 
Een assignatie van jonker Dirck [0131v] Fonck van Linden gedateert den 22en mey 1666 belangende de somma van sewen en sestich caroliguldens, vier stuivers, gequoteert met DD f 67-04-00 
 
Een obligatie van den 5e augustii 1669 S:N: [=sine nomine =zonder naam] met cessie van dato den 14en juni 1671 holdende tot laste van wijlen Theodorus Verzensius, ter somma van eenhondert vier en veertich caroliguldens gequoteert met EE f 144-00-00 
 
Een ingelost reversaalbrieff de dato den 19en januarii 1670 met daerop staende quitantien wegens een coopsomma van achthondert vijff en vijftich goltguldens ower de coop van de gerechte helfte van de huisinge De Blauwe Handt genaemt de owerleden burgemeester Gellius Vetzensius ende de secretaris Dr Dominicus Wringer elx voor de helft concerrerende gequoteert met FF 
 
[0132r] Coopbrieff ende ingeloste reversal in datis den 12e april ende 1e mey 1666 respectievelijk tusschen Wytze Stewens als vercoper, ende de olde burgemeester Gellius Vetzensius ende Claes Willems Burger als copers van seekere huisinge cum annexis staende binnen deser stede op de Wortelhaewen gequoteert met GG 
 
Een coopbrieff in dato den 25 januarii 1671 bij vroedtsman Anske Ipes Zeestra cum uxore gepasseert van de howinge cum annexis staende ende gelegen binnen deser stede op de Rosegracht, gequoteert met HH 
 
Een twaelffbladige specificatie met absolute quitantie van affreeckeninge gedateert den 26e obtobris 1671 van de vroedtsman Saecke Romckes Gasma, gequoteert met JJ 
 
[0132v] Een obligatie de dato den 27e april 1664 geregistreert in 't hypotheecqboek deser stede den 14e april 1671 op Dr Regnerus Wybranda ter somma van een hondert caroliguldens capitael, met de verschenen intressen, gequoteert met KK f 100-00-00 
 
Een memorie met daerbij sijnde reeckeninge ende quitantien van't gene de owerleden burgemeester Vetzensius voor sijn soon Cornelis Vetzensius heeft betaelt ende opgeschoten waerop in dorso staet de naem Cornelis 
 
Missijff van de heer owerste Roorda en daerop stande quitantien ende notulen in dorso, gequoteert met Roorda 
 
Reeckeningen tusschen Gellius Vetzensius, ende Hendrick Beernts ende Hans Jansen [dubbel genummerd 0132r, scan 211_00083] Curatoren over Hidde Nannes, met quitantie van deselwe curatoren, gequoteert met LL 
 
Quitantie bij de gesamentlijcke erffgenamen zen de olde burgemeester Gellius Vetzensius als haer volmacht gepasseert de dato den 18e augusti, in dorso gequoteert met het woordt quitantie 
 
Een reeckenboek belangende de reeckeninge tussen de olde burgemeester Gellius Vetzensius en Pytter Fransens erwen in folio in een bont omslach, gequoteert met besoignes van Pytter Fransens erwen, leggende daerin verscheyden obligatien ende andere stucken tot het sterffhuis van wijlen Pytter Fransen specterende 
 
Cessie van Pieter Pesson bode en Hoffs van Frieslandt [dubbel genummerd fol 0132v, scan 211_00084] in dato den 10en junii 1668 aen de owerleden Gellius Vetzensius gepasseert, op een obligatie daer bij annex tot laste van Trijntie Hanses wedu van Nanne Jansen smidt gedateert den 18e augusti 1662 ende geregt den 13e may 1668 continerende twee hondert caroliguldens capitaal in verminderinge welx op den 9e july 1670 wegens Albart Slots portie, gequoteert met MM, hier op is ontvangen f 74-18-00 
 
Noch een cessie bij Joannes Provana meester goltsmit tot Worcum man ende voogdt ower Frouckjen Hanses, die wegens haer kint mede erffgenaem is van Trijntie Nannes, aen de burgemeester Gellius Vetzensius gepasseert van sijn te goede hebbende quotele boelpenningen ende huishuiren gedateert den 13e februarii 1672 gequoteert met NN 
 
Een laedt met quitantien raekende soo de owerleden burgemeester Vetzensius selffs als andere personen, als eygenaers van mandelige huisingen 
 
[0133r] Een handtschrift in dato den 6e april 1671 holdende op Rinnert Eelkes Eelcoma, ter sommavan twee hondert caroliguldens, gequoteert met OO f 200-00-00 
 
Een notule in 't Almanach 1671 van de owerleden burgemeester Vetzensius bevonden, waer Dr Hellinga schuldig blijft, elff caroliguldens, acht penningen f 11-00-08 
 
Ses almanachen van de jaeren 1665 1667 twee van 1669 1670 ende 1671 
 
Acte obligatoir van dato den 14e junii 1658 geregt ? ten hypotheecq boeke deser stede den 1en may 1662 bij Jonker Dirck Fonck van Linden aen sijn swaeger Henricus Caesarius, ende daerop staende cessie bij gedachte Caesarius aen G[ellius] Vetzensius gepasseert van dato den 16e junii 1658 continerende een somma van acht en vijftig goltguldens, gequoteert met PP 
 
[0133v] Acte van guarrandt de dato den 10en januarii 1659 bij Claeske Claeses aen de owerleden G[ellius] Vetzensius gepasseert, gequoteert met QQ 
 
Een sackjen daerin bevonden de vercoopartikelen van seeckere huisinge staende in de Grootte Kerckstraet binnen deser stede bij de curatoren van Nanne Hiddes, vercocht bij de owerleden burgemeester Vetzensius gecogt met enige quitantien daer toe specterende als andersints sijnde 't sackjen, gequoteert met huis in de Kerckstraet 
 
Sijnde in 't selve sackjen bevonden aen geldt tien silveren ducatons soo hele als halwe, die bij de curator Jan Wybrants in bewaringe sijn genomen f 31-10-00 
 
Coopbrieff bij Jan Haenties Lamkema aen de owerleden burgemeester Gellius Vetzensius cum uxore gepasseert, gedateert den 9en april 1646 van seeckere acht en twintich stuivers, eeuwige jaerlijxe grondtpacht, gaende uit de huisinge alwaer de [0134r] Vergulden Bijll uithangt, bij de olde faendrich David Holtingh eertijds bewoont, waerop in margine staet aengeteekent dat de grontpacht tot mey 1671 betaelt is, gequoteert met RR 
 
Een obligatie van dato den 25en november 1645 holdende tot laste van meester Salwus Jansen stadts chirurgijn ende Jetsche Hemkes echteluiden ter somma van hondert caroliguldens onder deductie van vijftich caroliguldens daerin betaelt, gequoteert met SS f 50-00-00 
 
Drie handtschriften in datis den 25e augusti 1650, den 14e septembris 1650 ende den 6e october des selwen jaers alle holdende tot laste van Cornelis Jetzes in lewen stadts meester metzelaer binnen deser stede waerop in margine staet aengeteekent dat daerop de 17en decembris 1667 suiver te reste bleeff vijftich caroliguldens, gequoteert met TT 
 
[0134v] Acten obligatoir van den 10e ende den 22en april 1648 op Eernst ende Tijs Hendrix respectievelijk ter somma van tweemael vijff en twintich caroliguldens, gequoteert met VV f 50-00-00 
 
Een obligatie van dato den 17en augustii 1651 bij Joannes Feytema [= Joannes Feitema apotheker, overl 1660] ende Marija Bronga echteluiden gepasseert ende daer onder staende nader acte obligatoir gepasseert bij voornoemde Maria alleen op den 30en april 1662 bey de Gerechte ten hypotheeqboek deser stede den 1e mey 1662 continerende een hondert caroliguldens sorte met intressen, sedert den 1en mey 1665, gequoteert met WW f 100-00-00 
 
Een handtschrift ende daer onder staende raeder acte obligatoir van aenneminge op Jan Walings in datis den 8en martii 1647 ende den 1en mey 1644, ter somma van een hondert caroliguldens capitaal, gequoteert met XX f 100-00-00 
 
[0135r] Een handtschrift van den 31en martii 1668 op Orsel Aleffs vrijster ter somma van twee en twintich caroliguldens, gequoteert met YY f 22-00-00 
 
Een obligatie op Jan Anskes van dato den 9en mey 1659 tot hondert caroliguldens, gequoteert met ZZ f 100-00-00 
 
Acte van guarrandt bij Tjeerdt Hylkes cum uxore aen de olde burgemeester Gellius Vetzensius gepasseert, nopens de borgtochte ten proufijtte van de dyaconen van de waere gereformeerde religie alhier, nopens een somma van ses hondert vijff en twintich caroliguldens etc. tot securiteyt van de borge Geregt, den 17en julii 1665 gequoteert met AAA 
 
Een handtschrift op enen Gerrit Gasel van den 18en novembris 1656 tot vijff en twintich caroliguldens [0135v] gequoteert met BBB f 25-00-00 
 
Een obligatie van dato den 2e may 1647 op Gerben Jacobs tot Beetgum, continerende een somma van een hondert rijxdaelders principaal staende in margine verscheydene annotitien van betalinge, waer van de laeste gedateert den 22e october 1654 bij de owerledene burgemeester met eygener handt geschrewen, gequoteert met CCC 
 
Acte van vercopinge van seeckere twee legersteden gelegen op 't groot kerckhoff om de westen de toorn eertijds Haentien Lammerts toebehoort hebbende, bij Antie, Lambarti Theodori wedu van dato den 20en april 1662, gequoteert met DDD 
 
Een coopbrieff van dato den 14e februarii 1665 bij Foppe Foppes wijdtschipper aen de burgemeester Gellius Vetzensius cum uxore gepasseert met het ingelost reversal van de huisinge cum annexis waer uit de owerleden is versturven, gequoteert met EEE 
 
[0136r] Memorie voor Theodorus Vetzensius van 't gene sijn suster van haer moeder tot huisraedt soude hebben gecregen, bij hem met eygener handt getekent en geschreven, gequoteert met FFF 
 
Quitantie off recipis bij Cornelis Jacobs gepasseert van sodanige een hondert vijf en twintich caroliguldens als bij G[ellius] Vetzensius van Folkert Folkerts waren ontvangen ende aen hen Cornelis wederom behandicht om de selwe wederomme te behandigen aen Dirck Cornelis ende Broer Aris gedateert den 6en februarii 1664, gequoteert met GGG 
 
Seecker acte van accoordt tusschen Reynsch Jacobs wedu van Here Ymes ter eenre en Aucke Scheltes dorprechter tot Sexbierum ter andere zijde, waerbij de voornoemde Aucke Scheltes aen de voornoemde [0136v] weduwe schuldig blijft, ses en seventich caroliguldens, twee stuivers, ende aen de burgemeester Gellius Vetzensius wegens salarien en expensen twintich caroliguldens, met een versche salm, waervoren ener Douwe Watses tot Sexbierum sich tot borge heeft geconstitueert gedateert den 25en januarii 1668, gequoteert HHH 
 
Een originele cessie van dato den 6en aprilis 1659 bij Frans Hoytinga, olde burgemeester binnen Harlingen, aen de bugemeester Gellius Vetzensius gepasseert, van sodanige een duisent vier en tachtich caroliguldens, elleff stuivers, tien penningen onder deductie van twee hondert ses en vijftich caroliguldens volgens assignatie daerin betaelt als hem cedent Hoytinga van Claes Willems Burger, ende Nanne Hiddes voor gereedtschappen ende andere goederen tot haer tichelwerck responderende, volgens tauxatie daaebij annex, waren competerende, gequoteert met JJJ 
 
[0137r] Drie distincte quitantien in datis den 27en july 1665, den 22en augusti 1665 ende 10en junii 1667 bij de hopman ende Bouwe Harmen Grettinga aen de olde burgemeester Gellius Vetzensius gepasseert van ontvangene penningen uit de gelden die onder welgedachte burgemeester wegens het darde ende laeste termijn van sijn Grettinga cum socio vercochte tichelwerck cum annexis, door de copers Nanne Hiddes ende Claes Willems Burger geconsigneert stonden, ter somma vn twee hondert twee en vijftich caroliguldens een hondert vijfftich en sewentich golt? guldens respectievelijk, gequoteert met KKK 
 
Quitantie van D. Cornely op assignatie van Harmen Grettinga aen G. Vetzensius gepasseert ter somma van een hondert een en dartich caroliguldens, drie stuivers, acht penningen uit de bowengemelte geconsigneerde gelden uitgetelt, gequoteert met LLL 
 
[0137v] Noch twee besondere quitantien van den 23e september 1665 ende 7en september 1666 bij Harmen Grettinga gepasseert uit voornoemde oorsaeke tot 50-08-00 ende 40-00-00 respectievelijk, gequoteert met MMM 
 
Assignatie van Harmen Grettinga ende daer op staende quitantie bij Dr Jacobus Caesarius gepasseert van een somma van twee hondert en twintich caroliguldens uit de voorgemelte geconsigneerde penningen betaelt, gedateert den 16en may 1665, gequoteert met NNN 
 
Twee specificatien tot laste van Frans Hoytinga ende daeropstaende quitantien bij Claes Burger gepasseert, gedateert den 10en julii 1663 ter somma van 64-02-00 ende 36-12-00 respectievelijk gevalideert in meergemelte geconsigneerde penningen daer bij annex, gequoteert met OOO 
 
Een handtschrift de dato den 1e may 1659 op wijlen Frans Hoytinga [0138r] ter somma van hondert veertien caroliguldens capitael, gequoteert met PPP f 140-00-00 
 
Een ingelost reversaalbrief in dato den 30en april 1665 bij de owerleden Gellius Vetzensius aen de curatoren van Nanne Hiddes weeskint gepasseert geweest ower de coop van de halwe huisinge aen de noordt kant van de Grootte Kerckstraet staende, waer van hem de ander helfte was toebehorende, gequoteert met QQQ 
 
Missyff ende last van de heer Jan Boscart tot Haerlem van dato den 23e junii 1665 met daerin leggende procuratie van de selwe aen G. Vetzensius gepasseert, neffens copia cessie van Schelto Fonteyn ende originele marginale acten van owerhandigde penningen aen Pieter La Ferre etc 
 
 
 
[0138v] Drie schuldtboeken gequoteert met A B C 
 
Een handtschrift van Theodorus Vetzensius de dato den 21en februarii 1672 waerbij hij bekent van sijn vader te leen ontvangen te hebben twintich silveren ducatons, gequoteert met met RRR 
 
Quitantie bij Annius Fenema gepasseert ower de coop van een 64e part schips aen Lenert Graeff gedateert den 26e februarii 1672 
 
Een quitantie van salarien bij C. Walsweer gepasseert, gedateert den 25e januarii 1672 ower de coopsom van een 64 part scheeps aen 't schip van Jacob Jarings bij de owerledene gecocht, sijnde beyde dese quitantien gequoteert met parten scheeps 
 
[0139r] Cledingen in de kleerste kas bevonden: 
een pack groffgreynen kleren 
een swart lackens mans rock 
een swart laeckens rou mantel 
een groffgreynen broek 
een leren wambays 
7 ellen nieu groffgreynen 
een swarte greynen mantel 
een pack rode onderkleren 
een lapke streept kasiant 
vier paer mans hosen 
drie hoeden 
twee kantoors mutsen 
een houwer met een vergulden gevest 
 
[0139v] Nae ontsegelinge in de grootste kas bevonden: 
een graulaekens pack kleren 
een swart laeckens pack cleren 
een grau laeckens mans rock 
een paer gebreyden handtschoenen 
een voerde greynen mantel 
een portepe met swarte franien 
twee bonte mantelties een bratten en een greynen 
een herezaye rassen schort 
een hooyck [= huik] 
een swart laeckens rock 
een swarte greynen schort 
een greynen rock met blau voer 
een zijden schorteldoek sonder banden 
een rydt manteltie 
een zeekap 
een paer greynen mouwen, met een stuck bay 
 
[0140r] Linnen: 
elff beffen 
negentien paer ponjetten 
een linnen mans muts 
vier blaue schorteldoeken 
twee ellen en een varndel fijn doek 
dartien nachthalsdoeken 
twee doppies schorteldoeken 
drie hoofdoeken 
sewentien vrouwen hemden 
vijftien mans hemden 
tien slaeplaekens 
acht peuldoeken 
5 slopen 
twee linnen hosen 
vijff en twintich moye serwetten 
een groot tafellaeken 
noch drie serwetten 
 
[0140v] ses tafellaeckens 
noch twee serwetten 
een wollen wijtlingh 
enige bonte kleedties 
 
Silver: 
een blau kantie met een silveren lidt 
een silver halff mingelen 
twee silveren beeckers 
een silveren roemer 
een silveren cop 
een horologium in een silveren cas, en een aenhangendt silveren kettingie 
sewen silveren lepels 
een gouden signet van de owerleden burgemeester Vetzens 
 
In een geverffde vuiren kiste nae ontsegelinge bevonden: 
twee volle (doorgehaald: wollen) stucken gebleeckt doek 
 
[0141r] Boeken: 
in folio 
een bijbel 
Joachimus Minsingerus ad instit: 
Oorspronck ende voortganck, der Nederlandtsche kerckelijcke verschillen 
een verclaringe over't vierde boek Moyses 
in quarto 
Practica Papiensis 
Schatboek Ursini 
den Nederlandtsche howenier 
Sande twee boeken der gewijsde saeken, duits 
3de deel van de consultatien off bewijsen van Hollandt 
's landts ordonnantie met schoon papier ingebonden 
vier en wolk calumne door Ireneum Philalethium 
Nederduitse poemata van Adrianus Hofferus Zarifeus 
Sande twee boeken van de gewijsde saeken 
 
[0141v] Barnhardt van Zutphens Nederlandtsche practijcq 
Apothegmata Christiana door Wilhelmum Bandartium in 't duits 
Beschrijvinge van't keyserrijck ende der sewen cheurvorstendommen 
In octavo 
De kundtschappen van Parnas 
Rombartus Maranta de ordine indiciorum in't latijn 
Classis Oldendorpii 1645 
Plinius Secundus 
Interest van Hollandt 
Cathechisatie van de Wit 
't gulden lewen van Marcus Aurelius 
Davidts doodt ende begrafenisse 
's Landts ordonnantie 
Francisci Hottomanni quaestionum liber 
 
[0142r] negen delen der tragedische historien 
Joost van Fondels [Vondel] poezi 
 
Vasticheden: 
de huisinge cum annexis staende binnen deser stede op de zuidcant van de Laenen [d.i. Lanen 54] waer uit de olde burgemeester Gellius Vetzensius is versturven 
Seeckere huisinge cum annexis staende aen de noordtcant van de Grootte Kerckstraet [d.i. Grote Kerkstraat 33] eertijdts bij Freerck Haenties bewoont geweest 
De gerechte helfte van seeckere grootte huisinge cum annexis waer van Claes Willems Burger de ander helfte is toebehorende staende binnen deser stede ower de Wortelhaven 
 
[0142v] Noch seeckere halwe huisinge de Blauwe Pot [= Lanen 45] genaemt, waeraff de voornoemde Burger de andere helft toebehoort, staende aen de noordcant van de Laenen bij de capitein Harinxma bewoont 
 
Noch de gerechte vierdepart van seeckere huisinge cum omnibus annexis staende binnen dese stadt aen de noordtcant van de Voorstraet alwaer de Blauwe Handt [= Voorstraat 31] in de gewel staet bij Pytter Jansen laekencoper, Christophel Stuit ende andere althans bewoont werdende 
 
De vierdepart van een huis staende aen de westcant van de Katterugh daer de Swarte Ruiter [= Sint Jacobstraat 8] uithangt bij Daniel hoosbreyder ende andere bewoont werdende waer aff de olde burgemeester Jan Knyff ende Claes Willems Burger ende andere die vordere aenparten toebehooren 
 
[0143r] Noch de gerechte dardepart van een woninge, staende in de Vijverstraet de Paustaert [= Pauwenstaart, Zuiderhaven13] genaemt daer van Claes Burger ende Nanne Hiddes kindt de vardere parten toebehoort, bij Tjerck Jurriens cum uxore bewoont 
 
't Hoff met een heerlijck nieu geboudt prieel cum annexis staende ende gelegen aen de noordtcant aen de Roosegracht 
 
Rogge: 
Acht last ende enige lopens rogge leggende op de zouders van de olde burgemeester Augustinis Pytters 
 
[0143v] Gemunt geldt in de kas bevonden: 
Gout: 
een rechte gouden Jacobus 
een gouden rijder 
een gouden ducaton 
een halve gouden ducaton 
negen dubbelde ende drie enkelde ducaten 
twee gouden ringen 
een gouden signet van de owerleden fiscaal Vetzens 
 
Silver: 
acht valueerde rijxdaelders 
noch een dito 
vier halwe rijxdaelders, daer onder drie valueerdt 
een Engelse halwe rijxdaelder 
een gemaeckt stuck silver daerop de beeltenisse van Prins Willem de Darde aen de ene kant ende sijn moeder aen de ander cant 
 
ses silveren ducatons 
twee leeuwe daelders 
 
[0144r] een hele, halwe ende een vierdepart Spaense cluit 
drie rijx oorden 
aen Engels geldt f 2-17-00 
twee stuckies vreemdt geldt met een schellingh en een stuiver maekt 't samen f 0-19-00 
 
een silveren ringh 
vijff en dartich silveren knopen 
 
In 't voorkamercke in 't cantoor bevonden: 
vier ducatons leggende in een courant waerop in margine stonde geteekent bij de owerleden burgemeester selffs genoemd, dit is het geldt van Ype Taenes Bremcken ? voor Douwe Tieerdts 
 
In 't selwe laedtie noch aen geldt bevonden: 
twee silveren ducatons 
een rijxdaelder en noch een vier en twintich gros Oldenburgs geldt 
 
[Vervolg op fol 163v] 
[0163r] Beschrijvinge ten overstaen en praesentie van de heer commissaris Voorda van de boeckschulden gedaen den 16e januarii 1673 bevonden sijnde in de schuldt- ende salaris boeken hier vooren aengetekent, soo volcht 
 
In 't oudste schuldtboek met A gequoteert: 
Joost Michiels debet pag. 128 wegens salarien en expensen f 88-11-00 
wijlen Frans Hoytinga, debet folio 90 wegens geleendt geldt f 13-04-00 
wijlen Margarita Meynerts, weduwe van Hoeff debet pag. 98 97 en 99 wegens salarien en expensen f 67-01-00 
Burgemeester Gosse Joannis Adema soo nome proprio als nome curatorio ower sijn dochters kinderen, debet pag. 120 f 24-17-00 
Willem Hendrix Vosma debet pag. 122 f 23-06-00 
ende sijn tegenwoordige huisvrou Ybel Jelles f 7-10-00 
wijlen Hobbe Timens Donia, debet fol. 131 f 52-10-00 
Trijntie Gerbens bleekster op de Kleyne Spijcker pag 132 f 5-00-00 
Albart Pouwels ende Gerrit Jansen slijper van Enckhuisen debent fol. 136 f 32-13-00 
 
[0164r] Catalina Du Bois, wedu van Wopke Wytzes debet fol. 144 ende 145 f 28-09-00 
de heere Hottinga, debet fol. 146 f 362-08-00 
burgemeester Cartou debet fol. 150 verso f 6-08-00 
vroedtsman Pytter Hylkes debet fol. 150 verso f 13-03-08 
wijlen de heer Steensma fol. 155 f 13-14-00 
Ruirdt Ulbes debet fol. 156 f 5-16-00 
wijlen Yde Hylkes debet als reste fol. 156 verso f 13-03-00 
 
Alles wat vroeger vorder in't selwe schuldtboek aengetekent staet wordt geordeelt onwis te sijn ende niets daer van te connen opcomen 
 
In 't salaris boek met letter B gequoteert 
 
Symon Abbinga burgemeester tot Weesp ende Cornelis Olivier debent fol. 1 en 2 een werckelijke somma van salarien en expensen etc waer tegens ook werkelijke betaelinge is gedaen, staende owersulx te liquideren 
 
Burgemeester Gosse Joannis Adema, Cornelis Douwes de Boer, Hendrik Hendrix ende Aucke Jansen Haselaer als geede? 
 
[0164v] contra Pytter Pytters Euston ? Engelsman, debent wegens salarien en expensen salvo calculo fol. 2 verso f 144-17-00 
 
Gemeensman Reyn Dirx Longerhou debet fol. 5 verso f 15-16-00 
Claes Boyens debet fol. 5 f 11-08-00 
noch f 10-00-00 
Claes Burger fol. 5 verso 20-06-00 
Leeucke Martens nome filii fol. 5 verso f 6-00-00 
secretaris Jacobus Meylsma debet fol. 6 f 16-00-00 
Pals Bauckes kinderen en erffgenamen van Maycke Jans de Cocq debent fol.7 f 11-04-00 
Ids Saekeles debet fol. 7 verso 32-04-00 
noch f 10-04-00 
Jan van der Vowich ? debet fol. 8 ende fol. 10. 22 verso 
wijlen Jan Hendrix Coexken [Jan Hendriks Koeksken] debet fol. 9 f 74-17-00 
Ewert Douwes fol.12 f 5-12-00 
Attie Sijtses erfgenaem van Trijntie Hettes fol.12 verso f 75-08-08 
Harmannus Jeltema fol. 13 f 6-06-00 
Doeke Gysberts stuirman van 't galjoot van schipper Jan Belder fol. 13 f 70-06-00 
 
[0165r] Trijntie Nanne Jans wedu debet fol. 14 f 9-06-00 
Sybe Tolman fol. 16 verso f 8-19-00 
equipagiemeester Middachten fol. 16 verso f 7-10-00 
Cornelis Daems crediteuren fol. 17 f 13-15-00 
Foek Albarts fol. 18 f 6-06-00 
Rintie Taekes Hallinga fol.19 f 52-04-00 
oncosten contra Jan Faber fol 24 f 45-06-00 
Sr Jan van Straten plateelbacker tot Delft fol. 23 f 68-11-00 
wijlen Gerrit Sickes Orsinga fol. 26 f 7-14-00 
Cornelis Doedes erwen fol. 26 verso f 12-00-00 
Jorrit Hilles fol. 27 verso f 25-00-00 
de erffgenaemen van Cornelis Jansen van Coudum fol. 28 f 16-15-00 
Gerrit Jarichs fol. 28 verso als rest f 56-10-00 
Noch 
 
't schuldtboek C: 
de heer Wilhelmus Hillebrandts qq pag 1 f 11-10-08 
vroedtsman Saeke Romkes pag. 3 f 11-17-00 
 
[0165v] Sjouckjen Jans Sybranda pag. 5 f 21-00-00 
Jurrien Fonteyn fol. 8 f 5-16-00 
Bauckjen van Swol fol. 9 f 2-05-00 
een specificatie tot laste van de sectretaris Jacob Meylsma tot f 27-15-00 
 
Lasten van 't sterffhuis: 
vide folio 204 [merk] 
 
[0204r] vervolg fol 165v vanaf [merk] 
lasten van't sterffhuis beschreven ten owerstaen van de heer commissaris Jacobus Voorda desen 24e januarii 1673 
 
De erffgenaemen van wijlen Pytter Fransen competeren volgens obligatoire acte de dto den 18en augustii 1671 de somma van f 1500-00-00 
 
waer tegens nochtans de erffgenaemen van de owerleden burgemeester Vetzensius sustineren haer voor deductie te moeten valideren een somma van ongeveerlijck hondert caroliguldens vermogens reekeninge 
 
de vroedtman Anske Ypes Zeestra competeert volgens reversaalbrieff het darde restante termijn van 't hoff bij de owerleden van hem gecocht 
 
Claes Willems Burger preetendeert hem te competeren wegens de mandelige huisinge de Pausteert [= Pauwenstaart, Zuiderhaven 13], en de Blauwe Pot [= Lanen 45] genaemt, sampt de huisinge aen de Wortelhaewen en 't huis de [Zwarte] Ruiter in de Katterugge [= Sint Jacobstraat 8] staende, soodanigh als bij wedersijdts reekeninge en liquidatie werdt bevonden, onvercort de erffgenaamen haer actie ende de raetensie daer en tegens 
 
[0204v] de selwe Claes Burger seyt hem te competeren volgens obligatie de somma van f 100-00-00 
 
Coopman Arie Ewerts voor hem ende in qualiteit praetendeert de somma van ses en vijftich caroliguldens volgens assignatie van Daniel Hartsvelt ende daer onder staende acceptatie van de burgemeester Vetzensius de dato den 1e mey 1665 
 
Aeltie Reyers praetendeert te competeren volgens reversaalbrieff ower de coop van de huisinge de Blauwe Pot [= Lanen 45] genaemt bij de owerleden burgemeester Vetzensius ende Claes Burger te samen ende elx voor de helfte van Reyer Claesen in coop becomen, de twee restante termijnen van dien waer ower sij voor desen gerechte Harlingen proces heeft gesustineert, en waer tegens de gedachte erffgenaemen ende voornoemde Burger mede proces tegens haer Aeltie Reyers in haer qualiteit, nopens seeker serwituit ende wanleweringe en andersints hebben aengestelt, hangende beyde processen voor desen Gerechte als noch indecise 
 
[0205r] coopman IJsbrandt Joosten Heyns heeft aengegeven hem te competeren vermogens assignatie off acte van versoek van Cornelis Vetzensius gedateert den 21e september 1671 ende daeronder staende acceptatie de dato den 25e september 1671 van de owerleden burgemeester Gellius Vetzensius de somma van tweehondert dartich caroliguldens tien stuivers capitaal soo hem van voornoemde Cornelis Vetzensius als originele debiteur wegens gelewerde wijnen waeren competerende f 213-00-00 
 
Inse Jeltes competeert wegens gelewerde houtwaeren 
 
Geertie Gaarmans verclaert haer te competeren wegens verteringe 
 
Jan de Jaeger seyt hem te competeren f 33-15-00 
 
coopman Pytter Grauda compt wegens gelewerde butter f 13-05-00 
 
Pytter Jacobs stadtsroeper praetendeert wegens roepgelden f 20-00-00 
 
[0205v] de gerechts boden praetenderen wegens bodesalarien ower landt vercopingen f 8-08-00 
 
Jancke Harderwijck comt volgens obligatie capitaal f 400-00-00 
 
Aldus gedaen, geinventariseert ende gesloten den 24e januarii 1674, In kennisse van ons commissaris, ende secretaris 
 
(get.) D Wringer 1674[0138v] Drie schuldtboeken gequoteert met A B C 
 
Een handtschrift van Theodorus Vetzensius de dato den 21en februarii 1672 waerbij hij bekent van sijn vader te leen ontvangen te hebben twintich silveren ducatons, gequoteert met met RRR 
 
Quitantie bij Annius Fenema gepasseert ower de coop van een 64e part schips aen Lenert Graeff gedateert den 26e februarii 1672 
 
Een quitantie van salarien bij C. Walsweer gepasseert, gedateert den 25e januarii 1672 ower de coopsom van een 64 part scheeps aen 't schip van Jacob Jarings bij de owerledene gecocht, sijnde beyde dese quitantien gequoteert met parten scheeps 
 
[0139r] Cledingen in de kleerste kas bevonden: 
een pack groffgreynen kleren 
een swart lackens mans rock 
een swart laeckens rou mantel 
een groffgreynen broek 
een leren wambays 
7 ellen nieu groffgreynen 
een swarte greynen mantel 
een pack rode onderkleren 
een lapke streept kasiant 
vier paer mans hosen 
drie hoeden 
twee kantoors mutsen 
een houwer met een vergulden gevest 
 
[0139v] Nae ontsegelinge in de grootste kas bevonden: 
een graulaekens pack kleren 
een swart laeckens pack cleren 
een grau laeckens mans rock 
een paer gebreyden handtschoenen 
een voerde greynen mantel 
een portepe met swarte franien 
twee bonte mantelties een bratten en een greynen 
een herezaye rassen schort 
een hooyck [= huik] 
een swart laeckens rock 
een swarte greynen schort 
een greynen rock met blau voer 
een zijden schorteldoek sonder banden 
een rydt manteltie 
een zeekap 
een paer greynen mouwen, met een stuck bay 
 
[0140r] Linnen: 
elff beffen 
negentien paer ponjetten 
een linnen mans muts 
vier blaue schorteldoeken 
twee ellen en een varndel fijn doek 
dartien nachthalsdoeken 
twee doppies schorteldoeken 
drie hoofdoeken 
sewentien vrouwen hemden 
vijftien mans hemden 
tien slaeplaekens 
acht peuldoeken 
5 slopen 
twee linnen hosen 
vijff en twintich moye serwetten 
een groot tafellaeken 
noch drie serwetten 
 
[0140v] ses tafellaeckens 
noch twee serwetten 
een wollen wijtlingh 
enige bonte kleedties 
 
Silver: 
een blau kantie met een silveren lidt 
een silver halff mingelen 
twee silveren beeckers 
een silveren roemer 
een silveren cop 
een horologium in een silveren cas, en een aenhangendt silveren kettingie 
sewen silveren lepels 
een gouden signet van de owerleden burgemeester Vetzens 
 
In een geverffde vuiren kiste nae ontsegelinge bevonden: 
twee volle (doorgehaald: wollen) stucken gebleeckt doek 
 
[0141r] Boeken: 
in folio 
een bijbel 
Joachimus Minsingerus ad instit: 
Oorspronck ende voortganck, der Nederlandtsche kerckelijcke verschillen 
een verclaringe over't vierde boek Moyses 
in quarto 
Practica Papiensis 
Schatboek Ursini 
den Nederlandtsche howenier 
Sande twee boeken der gewijsde saeken, duits 
3de deel van de consultatien off bewijsen van Hollandt 
's landts ordonnantie met schoon papier ingebonden 
vier en wolk calumne door Ireneum Philalethium 
Nederduitse poemata van Adrianus Hofferus Zarifeus 
Sande twee boeken van de gewijsde saeken 
 
[0141v] Barnhardt van Zutphens Nederlandtsche practijcq 
Apothegmata Christiana door Wilhelmum Bandartium in 't duits 
Beschrijvinge van't keyserrijck ende der sewen cheurvorstendommen 
In octavo 
De kundtschappen van Parnas 
Rombartus Maranta de ordine indiciorum in't latijn 
Classis Oldendorpii 1645 
Plinius Secundus 
Interest van Hollandt 
Cathechisatie van de Wit 
't gulden lewen van Marcus Aurelius 
Davidts doodt ende begrafenisse 
's Landts ordonnantie 
Francisci Hottomanni quaestionum liber 
 
[0142r] negen delen der tragedische historien 
Joost van Fondels [Vondel] poezi 
 
Vasticheden: 
de huisinge cum annexis staende binnen deser stede op de zuidcant van de Laenen [d.i. Lanen 54] waer uit de olde burgemeester Gellius Vetzensius is versturven 
Seeckere huisinge cum annexis staende aen de noordtcant van de Grootte Kerckstraet [d.i. Grote Kerkstraat 33] eertijdts bij Freerck Haenties bewoont geweest 
De gerechte helfte van seeckere grootte huisinge cum annexis waer van Claes Willems Burger de ander helfte is toebehorende staende binnen deser stede ower de Wortelhaven 
 
[0142v] Noch seeckere halwe huisinge de Blauwe Pot [= Lanen 45] genaemt, waeraff de voornoemde Burger de andere helft toebehoort, staende aen de noordcant van de Laenen bij de capitein Harinxma bewoont 
 
Noch de gerechte vierdepart van seeckere huisinge cum omnibus annexis staende binnen dese stadt aen de noordtcant van de Voorstraet alwaer de Blauwe Handt [= Voorstraat 31] in de gewel staet bij Pytter Jansen laekencoper, Christophel Stuit ende andere althans bewoont werdende 
 
De vierdepart van een huis staende aen de westcant van de Katterugh daer de Swarte Ruiter [= Sint Jacobstraat 8] uithangt bij Daniel hoosbreyder ende andere bewoont werdende waer aff de olde burgemeester Jan Knyff ende Claes Willems Burger ende andere die vordere aenparten toebehooren 
 
[0143r] Noch de gerechte dardepart van een woninge, staende in de Vijverstraet de Paustaert [= Pauwenstaart, Zuiderhaven13] genaemt daer van Claes Burger ende Nanne Hiddes kindt de vardere parten toebehoort, bij Tjerck Jurriens cum uxore bewoont 
 
't Hoff met een heerlijck nieu geboudt prieel cum annexis staende ende gelegen aen de noordtcant aen de Roosegracht 
 
Rogge: 
Acht last ende enige lopens rogge leggende op de zouders van de olde burgemeester Augustinis Pytters 
 
[0143v] Gemunt geldt in de kas bevonden: 
Gout: 
een rechte gouden Jacobus 
een gouden rijder 
een gouden ducaton 
een halve gouden ducaton 
negen dubbelde ende drie enkelde ducaten 
twee gouden ringen 
een gouden signet van de owerleden fiscaal Vetzens 
 
Silver: 
acht valueerde rijxdaelders 
noch een dito 
vier halwe rijxdaelders, daer onder drie valueerdt 
een Engelse halwe rijxdaelder 
een gemaeckt stuck silver daerop de beeltenisse van Prins Willem de Darde aen de ene kant ende sijn moeder aen de ander cant 
 
ses silveren ducatons 
twee leeuwe daelders 
 
[0144r] een hele, halwe ende een vierdepart Spaense cluit 
drie rijx oorden 
aen Engels geldt f 2-17-00 
twee stuckies vreemdt geldt met een schellingh en een stuiver maekt 't samen f 0-19-00 
 
een silveren ringh 
vijff en dartich silveren knopen 
 
In 't voorkamercke in 't cantoor bevonden: 
vier ducatons leggende in een courant waerop in margine stonde geteekent bij de owerleden burgemeester selffs genoemd, dit is het geldt van Ype Taenes Bremcken ? voor Douwe Tieerdts 
 
In 't selwe laedtie noch aen geldt bevonden: 
twee silveren ducatons 
een rijxdaelder en noch een vier en twintich gros Oldenburgs geldt 
 
[Vervolg op fol 163v] 
[0163r] Beschrijvinge ten overstaen en praesentie van de heer commissaris Voorda van de boeckschulden gedaen den 16e januarii 1673 bevonden sijnde in de schuldt- ende salaris boeken hier vooren aengetekent, soo volcht 
 
In 't oudste schuldtboek met A gequoteert: 
Joost Michiels debet pag. 128 wegens salarien en expensen f 88-11-00 
wijlen Frans Hoytinga, debet folio 90 wegens geleendt geldt f 13-04-00 
wijlen Margarita Meynerts, weduwe van Hoeff debet pag. 98 97 en 99 wegens salarien en expensen f 67-01-00 
Burgemeester Gosse Joannis Adema soo nome proprio als nome curatorio ower sijn dochters kinderen, debet pag. 120 f 24-17-00 
Willem Hendrix Vosma debet pag. 122 f 23-06-00 
ende sijn tegenwoordige huisvrou Ybel Jelles f 7-10-00 
wijlen Hobbe Timens Donia, debet fol. 131 f 52-10-00 
Trijntie Gerbens bleekster op de Kleyne Spijcker pag 132 f 5-00-00 
Albart Pouwels ende Gerrit Jansen slijper van Enckhuisen debent fol. 136 f 32-13-00 
 
[0164r] Catalina Du Bois, wedu van Wopke Wytzes debet fol. 144 ende 145 f 28-09-00 
de heere Hottinga, debet fol. 146 f 362-08-00 
burgemeester Cartou debet fol. 150 verso f 6-08-00 
vroedtsman Pytter Hylkes debet fol. 150 verso f 13-03-08 
wijlen de heer Steensma fol. 155 f 13-14-00 
Ruirdt Ulbes debet fol. 156 f 5-16-00 
wijlen Yde Hylkes debet als reste fol. 156 verso f 13-03-00 
 
Alles wat vroeger vorder in't selwe schuldtboek aengetekent staet wordt geordeelt onwis te sijn ende niets daer van te connen opcomen 
 
In 't salaris boek met letter B gequoteert 
 
Symon Abbinga burgemeester tot Weesp ende Cornelis Olivier debent fol. 1 en 2 een werckelijke somma van salarien en expensen etc waer tegens ook werkelijke betaelinge is gedaen, staende owersulx te liquideren 
 
Burgemeester Gosse Joannis Adema, Cornelis Douwes de Boer, Hendrik Hendrix ende Aucke Jansen Haselaer als geede? 
 
[0164v] contra Pytter Pytters Euston ? Engelsman, debent wegens salarien en expensen salvo calculo fol. 2 verso f 144-17-00 
 
Gemeensman Reyn Dirx Longerhou debet fol. 5 verso f 15-16-00 
Claes Boyens debet fol. 5 f 11-08-00 
noch f 10-00-00 
Claes Burger fol. 5 verso 20-06-00 
Leeucke Martens nome filii fol. 5 verso f 6-00-00 
secretaris Jacobus Meylsma debet fol. 6 f 16-00-00 
Pals Bauckes kinderen en erffgenamen van Maycke Jans de Cocq debent fol.7 f 11-04-00 
Ids Saekeles debet fol. 7 verso 32-04-00 
noch f 10-04-00 
Jan van der Vowich ? debet fol. 8 ende fol. 10. 22 verso 
wijlen Jan Hendrix Coexken [Jan Hendriks Koeksken] debet fol. 9 f 74-17-00 
Ewert Douwes fol.12 f 5-12-00 
Attie Sijtses erfgenaem van Trijntie Hettes fol.12 verso f 75-08-08 
Harmannus Jeltema fol. 13 f 6-06-00 
Doeke Gysberts stuirman van 't galjoot van schipper Jan Belder fol. 13 f 70-06-00 
 
[0165r] Trijntie Nanne Jans wedu debet fol. 14 f 9-06-00 
Sybe Tolman fol. 16 verso f 8-19-00 
equipagiemeester Middachten fol. 16 verso f 7-10-00 
Cornelis Daems crediteuren fol. 17 f 13-15-00 
Foek Albarts fol. 18 f 6-06-00 
Rintie Taekes Hallinga fol.19 f 52-04-00 
oncosten contra Jan Faber fol 24 f 45-06-00 
Sr Jan van Straten plateelbacker tot Delft fol. 23 f 68-11-00 
wijlen Gerrit Sickes Orsinga fol. 26 f 7-14-00 
Cornelis Doedes erwen fol. 26 verso f 12-00-00 
Jorrit Hilles fol. 27 verso f 25-00-00 
de erffgenaemen van Cornelis Jansen van Coudum fol. 28 f 16-15-00 
Gerrit Jarichs fol. 28 verso als rest f 56-10-00 
Noch 
 
't schuldtboek C: 
de heer Wilhelmus Hillebrandts qq pag 1 f 11-10-08 
vroedtsman Saeke Romkes pag. 3 f 11-17-00 
 
[0165v] Sjouckjen Jans Sybranda pag. 5 f 21-00-00 
Jurrien Fonteyn fol. 8 f 5-16-00 
Bauckjen van Swol fol. 9 f 2-05-00 
een specificatie tot laste van de sectretaris Jacob Meylsma tot f 27-15-00 
 
Lasten van 't sterffhuis: 
vide folio 204 [merk] 
 
[0204r] vervolg fol 165v vanaf [merk] 
lasten van't sterffhuis beschreven ten owerstaen van de heer commissaris Jacobus Voorda desen 24e januarii 1673 
 
De erffgenaemen van wijlen Pytter Fransen competeren volgens obligatoire acte de dto den 18en augustii 1671 de somma van f 1500-00-00 
 
waer tegens nochtans de erffgenaemen van de owerleden burgemeester Vetzensius sustineren haer voor deductie te moeten valideren een somma van ongeveerlijck hondert caroliguldens vermogens reekeninge 
 
de vroedtman Anske Ypes Zeestra competeert volgens reversaalbrieff het darde restante termijn van 't hoff bij de owerleden van hem gecocht 
 
Claes Willems Burger preetendeert hem te competeren wegens de mandelige huisinge de Pausteert [= Pauwenstaart, Zuiderhaven 13], en de Blauwe Pot [= Lanen 45] genaemt, sampt de huisinge aen de Wortelhaewen en 't huis de [Zwarte] Ruiter in de Katterugge [= Sint Jacobstraat 8] staende, soodanigh als bij wedersijdts reekeninge en liquidatie werdt bevonden, onvercort de erffgenaamen haer actie ende de raetensie daer en tegens 
 
[0204v] de selwe Claes Burger seyt hem te competeren volgens obligatie de somma van f 100-00-00 
 
Coopman Arie Ewerts voor hem ende in qualiteit praetendeert de somma van ses en vijftich caroliguldens volgens assignatie van Daniel Hartsvelt ende daer onder staende acceptatie van de burgemeester Vetzensius de dato den 1e mey 1665 
 
Aeltie Reyers praetendeert te competeren volgens reversaalbrieff ower de coop van de huisinge de Blauwe Pot [= Lanen 45] genaemt bij de owerleden burgemeester Vetzensius ende Claes Burger te samen ende elx voor de helfte van Reyer Claesen in coop becomen, de twee restante termijnen van dien waer ower sij voor desen gerechte Harlingen proces heeft gesustineert, en waer tegens de gedachte erffgenaemen ende voornoemde Burger mede proces tegens haer Aeltie Reyers in haer qualiteit, nopens seeker serwituit ende wanleweringe en andersints hebben aengestelt, hangende beyde processen voor desen Gerechte als noch indecise 
 
[0205r] coopman IJsbrandt Joosten Heyns heeft aengegeven hem te competeren vermogens assignatie off acte van versoek van Cornelis Vetzensius gedateert den 21e september 1671 ende daeronder staende acceptatie de dato den 25e september 1671 van de owerleden burgemeester Gellius Vetzensius de somma van tweehondert dartich caroliguldens tien stuivers capitaal soo hem van voornoemde Cornelis Vetzensius als originele debiteur wegens gelewerde wijnen waeren competerende f 213-00-00 
 
Inse Jeltes competeert wegens gelewerde houtwaeren 
 
Geertie Gaarmans verclaert haer te competeren wegens verteringe 
 
Jan de Jaeger seyt hem te competeren f 33-15-00 
 
coopman Pytter Grauda compt wegens gelewerde butter f 13-05-00 
 
Pytter Jacobs stadtsroeper praetendeert wegens roepgelden f 20-00-00 
 
[0205v] de gerechts boden praetenderen wegens bodesalarien ower landt vercopingen f 8-08-00 
 
Jancke Harderwijck comt volgens obligatie capitaal f 400-00-00 
 
Aldus gedaen, geinventariseert ende gesloten den 24e januarii 1674, In kennisse van ons commissaris, ende secretaris 
 
(get.) D Wringer 1674