Harlingen, stadsbestuur

illustratie stadsbestuur
F.E. van Ruijven, geboren op 3 juli 1888 te Meester Cornelis, op West-Java in het toenmalige Nederlands Indië, vervaardigde rond 1936 een handschrift waarin hij het bestuur van Harlingen beschreef tussen 1510 en 1814. Het handschrift bevindt zich tegenwoordig in het gemeentearchief van Harlingen. Het vermeldt niet alleen de namen van de bestuurders, maar ook de vele vormen van bestuur die men in de loop der tijd gekend heeft en een veelheid aan raadsbesluiten die invloed hebben gehad op de wijze van verkiezingen en samenstellen van het stadsbestuur.

Vanaf 1510 werd Harlingen door oldermannen geregeerd. Zij waren drossaard (drost), aangesteld door het hogere landsbestuur en resideerden in het kasteel te Harlingen. In 1581, het begin van de Republiek der Zeven Verenigde Nederlanden, kwam er een bestuur dat bestond uit burgemeesteren, rond 1610 gevolgd door een systeem dat ook 'gezworenen' kende. De totale vroedschap bestond uit 60 personen, waarvan 8 tot burgemeester en 8 tot gezworen gemeensman werden verkozen.

Omdat tot dan toe de bestuurders altijd werden aangesteld door de hogere bestuurslagen groeide de onvrede over dit systeem. Het volk wilde zelf hun stadsbestuur kiezen en door een resolutie van de Staten van Friesland van 25 juli 1635 werd dat inderdaad mogelijk. Echter, het zittende Harlinger stadbestuur verzuimde dit aan haar inwoners mede te delen waardoor deze resolutie, althans voor Harlingen, geen geldende praktijk werd.

Op 9 augustus was het zover gekomen dat een aantal bezorgde burgers over dit verzuim een protestbrief schreef aan de Staten van Friesland, met daarin het verzoek om een paar commissarissen naar Harlingen te sturen om met het stadsbestuur te praten. Twee zittende Harlinger bestuurders stuurden daarop weer een brief naar de Staten, waarin zij de eerdere briefschrijvers 'perturbateurs' (rustverstoorders) noemden en adviseerden het verzoek om onderhandelaars te weigeren. Desondanks kwamen er toch drie commissarissen van de Staten naar Harlingen: Dominicus ab Hottinga, Suffridus Rispens en Abraham Roorda.

De onderhandelingen die plaatsvonden tussen deze drie afgevaardigden en het zittende stadbestuur resulteerden op 5 september in een resolutie van de Harlinger vroedschap. Het eerste artikel van deze resolutie bepaalde dat de bevolking voortaan zelf haar bestuur mocht kiezen, door eerst een lijst van 80 kandidaten te maken. De afgevaardigden van de Staten zouden de eerste keer uit deze kandidaten een vroedschap van 60 personen samenstellen en deze 60 verkozen uit hun midden 8 burgemeesteren en 8 gezworenen. Het tweede artikel van de resolutie bepaalde dat personen die in de vroedschap verkozen waren daar voor hun leven zaten. Er was geen maximale zittingstermijn en dientengevolge geen maximum aantal termijnen. Als een lid van de vroedschap overleed werd bij meerderheid van stemmen een nieuw lid aangesteld.

De bevolking had nu weliswaar eenmaal zelf invloed op de verkiezingen gehad, maar de zittende vroedschap had nu weer alle middelen in handen om zichzelf in stand te houden op een manier die haar het beste leek. De invloed van de bevolking was nu weer vrijwel nihil. Dit leidde opnieuw tot onvrede en in 1637 werd een aantal zaken dan ook opnieuw geregeld. De vroedschap bestond niet meer uit 60, maar uit 40 personen. Zij droeg uit haar midden acht burgemeesters en acht gemeensluiden voor aan de stadhouder, die het laatste woord over de aanstelling had. Ook werd er een rooster van aftreden ingevoerd: jaarlijks werden twee burgemeesters en twee gemeensluiden gewisseld.

De voordracht vond plaats op de avond voor Kerst of op oudjaarsavond. De vroedschap kwam bijeen in de kerk en alle leden trokken uit een bus met zoveel bonen als aanwezigen, waaronder 7 zwarte bonen, hun lot. Degenen die de zwarte bonen trokken werden in een aparte ruimte gezet en moesten net zolang met elkaar overleggen totdat ze met algemene stemmen of meeste stemmen vier leden voordroegen. Tijdens deze zitting werd geen eten en drinken aangevoerd en de zeven zgn. electeurs mochten niet uit de vergadering. De electeurs waren zelf overigens niet verkiesbaar. Was er overeenstemming over de vier voordrachten, dan werd er nog geloot wie burgemeester en wie gemeensman werd.

Al met al bleef het een soort old-boys-network. Men schoof elkaar of elkaars familie interessante posten toe en als een familielid niet in de stad woonde was dat geen belemmering: er werd gewoon een plaatsvervanger aangesteld. In 1789 woonde een van onze zes stadspoortwachters in Bolsward, een andere zelfs in Breda! Alle zes waren ze overigens dochters van burgemeesters of oud-burgemeesters.

In de tijd van de Bataafse Republiek, van 1795 tot 1806, hebben we eerst naar Frans model een municipaliteit. Met de nieuwe Staatsregeling van 1801 worden gemeenten zelfstandiger en mogen ze zelf kiezen hoe ze hun bestuur inrichten en noemen, zolang ze maar orders van hogerhand opvolgen.

Daarna krijgen we van 1806-1810 het Koninkrijk Holland, waarin de gemeenten via een Gemeentewet uit 1807 weer minder bevoegdheden krijgen. Onder het Franse bestuur van 1810-1813 nemen de eigen bevoegdheden alleen nog maar meer af. In het Verenigd Koninkrijk der Nederlanden van 1815-1830 neemt het eigen bestuur langzamerhand weer toe en heeft een gemeente in tegenstelling tot eerder nog maar 1 burgemeester. Na de afscheiding van Belgie in 1830 wordt Nederland een zelfstandig Koninkrijk. Via de eerste zo genoemde Gemeentewet, van Thorbecke in 1851, wordt bepaald dat een gemeente nu bestuurd wordt door de gemeenteraad en het college van burgemeester en wethouders.

Ter wille van de volledigheid, die altijd wordt nagestreefd maar nooit wordt behaald, zijn ook burgemeesters en wethouders van na 1814 toegevoegd.

Samengesteld uit de volgende bronnen:
ir F.E. van Ruijven: "Harlingen, stadsbestuur tot 1814, Harlingen, ca. 1936
dr. S. Ferwerda: "Uit Harlingen's historie", Harlingen, 1934
artikel in de Harlinger Courant vn 27 feb 1951
een lijst met wethouders vanaf 1920 van onbekende hand

- Gegevens uit bronnen worden zorgvuldig overgenomen, maar lees- en typfouten zijn onvermijdelijk.
- Gegevens die niet in de bron staan maar door mij zijn aangevuld op basis van andere bronnen of andere gegevens uit dezelfde bron, zijn voorzien van een *.
- Gegevens die door mij aangepast of geïnterpreteerd zijn, zijn zoveel mogelijk voorzien van een verduidelijkende toelichting tussen [ ].
- Bij het overnemen van eigennamen is de originele spelling gehandhaafd. Soms is echter te voorzien dat een kennelijke schrijf- of spelfout in de bron een probleem zal geven bij het zoeken naar een eigennaam of bij het maken van een alfabetische index. In zo'n geval is de juiste of meest voorkomende spelling van een eigennaam aangehouden, met toevoeging van een toelichting tussen [ ].
- Bij het overnemen van plaatsnamen, straatnamen en beroepen die in alfabetische indexen terecht komen is voor zover mogelijk de moderne spelling aangehouden, om het zoeken te vereenvoudigen. Mogelijk staat in een bron bijvoorbeeld Doccum, terwijl op deze website Dokkum staat. Zo wordt een glaesemaecker een glasmaker of glazenmaker. Die spelling is voor het doel van deze website (het ontsluiten van bronnen, niet het transcriberen van bronnen) niet belangrijk.


Deze gegevens zijn voor het laatst bijgewerkt op 2015-04-16 03:27:22.



A  B  C  D  E  F  G  H  I  J  K  L  M  N  O  P  Q  R  S  T  U  V  W  X  Y  Z  



voornaam patroniem familienaam beroep/verdere functie(s) overleden
Nieubuur dr
A van Ring dr
A. de Geus
A. Metz
A. van der Wal
A.e. Hannema
A.j. Glastra van loon
A.m. Speelman
A.r. van Dalsen
Abbe Coenraads 1639
Abbe Tjebbes
Abraham Alema goudsmid (mr) 1773
Abraham Petrus Bontekoe apotheker 1659
Abraham Caesarius convooimeester
Abraham Roosen 1758
Abraham Wijngaarden
Adam Jansen Gypson 1667
Adriaan Bartouts
Adriaan Oliviers
Adriaen Olivier
Adriaen Wierdts
Adrianus de Roock
Aebe Douwes vaandrig 1679
Aernt Gerrits Backer
Aert Jacobs Jacobides chirurgijn (mr) 1718
Age Dirks Hoogeboom bakker (mr) 1755
Albartus de Haas bakker 1780
Albert Harmens ontv. v/d armvoogden, ontv. v/d florenen der stadsuitburen 1652
Albert Jacobs
Albert Wijmers Bakker
Albert IJbes Osinga bakker (mr) 1776
Alberts Jans Gonggrijp bakker (mr)
Allardus Laquart 1732
Allart Scheltinga
Andries Jansz
Andries Willems
Andries Pieters de Boer 1752
Andries Pieters Gladsma 1724
Anne D Ypeij goudsmid (mr)
Annius Rhienstra 1660
Anske Iepes Zeestra
Anthoenis van Reyswijck
Anthonie Bierma bakker (mr)
Anthony e. Hannema
Anthony e. Hannema
Arjan Reyners
Arjen Altena vaandrig (oud) 1731
Aucke Jansen Banga 1702
Augustijn Pieters Brouwer 1694
Augustinus Mockema
Auke Jansen Haselaar 1667
B. de Vries
B.g. van der Gaast
Barend van der Meulen 1783
Barend Visser
Barent Rowel 1728
Bartel Lanting 1740
Bartel Cleises Lanting brouwer, vaandrig, hopman 1678
Bavius Ziricus notaris 1688
Beert Ulbes Wassenaar bakker (mr) 1683
Berend Nauta
Berend p. Jansema
Bernardus Jelgersma 1783
Bouke Jans
Bouwe Boomsma
Bouwe Thomas Farx houtzager, hopman 1677
Bouwe Fontein
Bruyn Gijsberts Geersma 1656
C. van der Zaal
Cent Huijberts 1652
Chris Arlman
Christoffel van Sternsee 1560
Claas Folkerts
Claas Heins
Claas Jansen Faber smid (mr) 1690
Claas Pieters Leijstra
Claas Poort
Claas Jansen Sanstra vaandrig 1667
Claas Gerrits van Slooten 1740
Claas van Velzen bakker (mr) 1766
Claas Y Wijngaarden
Claas Rinnerts Wijnsma bakker (mr) 1727
Claes Pieters van den Brug(h) 1760
Coenraat Abbes
Cornelis Jeltes
Cornelis Aerdenburg
Cornelis Daems
Cornelis Mollema
Cornelis Freerks Veersma 1762
Cornelis Jeltes Vetsens 1656
Cornelis Wijngaarden clerq boelgoederen, hopman 1708
Cornelis Dirks Zijlstra
D Siersma
Danker de Kempenaer 1746
Dirck Gerryts
Dirck Hendricks
Dirck Hilbrants
Dirck Ockeszn
Dirck Sjoerds Bierma 1687
Dirck Jacobs Kieviet hopman 1682
Dirck Livius dr
Dirck Fransen Visscher
Dirk Bouwens 1681
Dirk Fontein
Dirk Sibrants Longerhou 1665
Dirk Douwes Siderius blauwverver 1733
Dirk Vellinga
Dirk Sijtses Wynia 1752
Dirk Cornelis Zijlstra
Dirk Cornelis Zijlstra
Djurre Hendriks
Doede Steffens schoenmaker (mr) 1673
Doede Johannes Vosma 1755
Dominicus Lanting 1683
Dominicus Sloterdijk dr 1722
Douwe Hommes van Beijem
Douwe Tjallings Meylema
Douwe W Vettevogel procureur-postulant
Dyrck Willems Ket
Edo Reins Wijnia rentmeester, vaandrig 1682
Eduard marius van Beijma
Eeke Abbes Brouwer hopman 1659
Eelke Lieues
Egbert Steenbeek
Ege Meinderts 1656
Eilardus folcardus Harkenroth
Ericus Haersma dr 1710
Ev. Roorda dr
Evert Ruurds 1668
Evert Arjens Oosterbaan lijnslager (mr) 1724
Ewout Jetses Stiensma hopman 1672
Fedde Claesz
Fedde Acronius goudsmid (mr) 1788
Fedde Feddes Bonnema 1655
Feike Camsma
Focke Fockes
Foeke Piers Heemstra commissaris-generaal der convoyen 1662
Folckert Foppes
Folkert Lammers Nijkerk pasteibakker 1681
Foppe Foppes
Foppe Tiercks Romeda 1656
Foppius Gerardius 1648
Frans Dirks brouwer (mr), hopman 1662
Frans Symens hopman 1657
Frans F van Esta
Frans Hoytinga vaandrig, hopman 1661
Frans Pieters Huidekoper 1732
Frans Reyners Templar
Frederik Hoogland 1776
Frederikus Tangerman
Fredrik Wigbolts Krol vaandrig, hopman 1650
Freerk Dirks Fontein
Frits van Grumbach 1541
G.a. Herklotz
G.c. van Raan
G.e.a. Daane bolier
Gabius Hauckema
Gebrandus Pettinga
Geert Joostes Cartou 1662
Gellius Vetzenius 1672
George van Espelbach 1575
Gerbrandt Hebbaeus hopman 1641
Gerlof Lolkes
Gerlof Claessen Steinfurth
Gerrit Auckes
Gerrit Piters Apoticquar
Gerrit Everts Hardenborg 1667
Gerrit Dircks Keth 1655
Gerrit Sickes Osinga 1671
Gerrit Alefs Potter 1678
Gerrit Bouwes Schyere 1711
Gosse Johannes Adama 1674
Gouke Hingst
Gouke Suringar 1715
H Peaux
H.i. Wijga
Hans Keimpes 1678
Hans van Grumbach
Hans Erix van 't Heilige land
Hans Cornelis Oosterveen 1737
Hans Harmens de Vries 1654
Hans i. de Haan
Hans willem van Plettenberg
Harmanus de Waard bakker (mr)
Harmen Claas
Harmen Arents Baksma bakker (mr) 1761
Harmen Saeckes Idsinga hopman 1656
Harmen Synes Nauta scheepstimmerman 1677
Harmen Gerryts Phelten
Harmen Radsma 1804
Harmen Radsma
Harmen Sopingius 1730
Harmen Jansen van 't Vlie 1701
Harmen Wennekes
Heiman Heimans
Hendrick van Oyenbrugge
Hendrik Everts slager (mr) 1743
Hendrik Hendriks 1671
Hendrik Olpherts Belida
Hendrik Reins Brouwer goudsmid (mr) 1769
Hendrik Jacobus Hollander 1668
Hendrik Coenraads Ludinga pannenbakker 1693
Hendrik Schaaf
Hendrik Cornelis Wassenaar 1769
Henricus Jan Westra dr
Henrik Caesarius 1676
Hermanus Gonggrijp 1746
Hermanus Siccama
Hernando de Bustamente
Hero Janszn
Hero Reins 1667
Hero Wiaerda
Hessel Wijtses Wassenaar brouwer 1729
Hessel Wringer secretaris, dijkgraaf 1661
Hidde Brouwer 1775
Hijlcke Romkes
Hijlke Hanekuik
Hillebrand Dirks Hillebrands 1651
Hinne Dirks Hopman 1649
Hoeyte Bonga
Hotze Romkes Binxma
Hotze de Reus
Hotze Swerms goudsmid (mr) 1738
Hoyte Hoytes
Hubertus van Immerzeel drukker 1702
Huybert Sents
I Huys
I. Sijtsma
Ide Reijns
Iede Taekes 1673
Iede Jacobs Reinalda 1700
IJpe Jetzes Rodenhuis bakker (mr)
Inne Tjaerds
J. Haitsma
J.c. de Kroon
J.j. Krol
J.l. Kort
J.l. Velthuis
J.p.h. Wesselink
Jacob Folkerts
Jacob Pieters
Jacob Pyters 1668
Jacob Cornelis Bonk 1734
Jacob Tjeerds van der Form 1770
Jacob Germans
Jacob Claessen Hatsma 1702
Jacob Hessels Hingst
Jacob Jansen Kuijk bakker 1724
Jacob Juriens de Lange 1684
Jacob Norel
Jacob Roorda
Jacob Ruitinga
Jacob Gerbens Sprottinga vaandrig (oud)
Jacob Claas Steninga 1725
Jacob Jacobs Velthuis biersteker 1701
Jacob van der Voorde brouwer, hopman 1674
Jacob Wassenaar
Jacob Alberts Wijnalda 1720
Jacobus Goslings notaris 1718
Jacobus Corver grootschipper 1732
Jacobus Croese wijnkoper 1716
Jacobus Hannema
Jacobus Hillebrands dr 1665
Jan Broersen
Jan Goverts 1650
Jan Heeres hopman
Jan Heerts hopman 1645
Jan Jansen pannenbakker 1641
Jan Jochims
Jan Nannings
Jan Olivier 1772
Jan Symens wijdschipper 1680
Jan Tjepkes
Jan Willems
Jan Harmens van Beyem hopman 1650
Jan Everts Bijencorff houtkoper 1663
Jan Ruurds Boetema(n) 1723
Jan Sipkes Buma 1752
Jan Symens Bylaan lakenkoopman 1713
Jan Jacobs Cannegieter
Jan Donker 1745
Jan van Egmond 1546
Jan Fontein
Jan Rogiers de Gavere 1653
Jan Geerts van Gelder schoenmaker (mr) 1662
Jan Adams Gypson hopman 1644
Jan Hannema
Jan Laessen Hannema vaandrig, hopman 1656
Jan Hoogland 1763
Jan W Houtsma
Jan Willems Knijff 1674
Jan Krijtenburg chirurgijn 1738
Jan Dirksen Kuik koopman 1692
Jan Joostes Kuyk 1732
Jan Nollides 1741
Jan Oosterhout
Jan Hendriks Overzee brouwer 1750
Jan Jansen Pannebacker
Jan Ruurds Sanstra 1667
Jan Tamboezer
Jan van der Veen
Jan van 't Vlie
Jan Wax bakker (mr) 1793
Jan Wijngaarden 1770
Jan Wijbrants Wijngaarden 1685
Jan Yzenbeek
Jan frederik Repko
Jane van Slooten 1789
Jarig Pieters Adama bakker (mr) 1719
Jarig Sjoerds Weima 1731
Jarig Westra 1787
Jelis Baerts
Jelle Jaspers Bennema
Jelle Jansen Wiersma 1724
Jelle Wildschut
Jelmer Harmens
Jetze Lentz
Jetze Rodenhuis
Joannes Anstra dr
Jochem Dirks Backer 1658
Johan Hora adema
Johan dani Toussaint 1791
Johannes Albarda
Johannes Binsonides 1735
Johannes Clingbijl dr 1649
Johannes Mecima drogist
Johannes Peaux 1770
Johannes Quicklenborg wijnhandelaar 1690
Johannes Ruitinga
Johannes ewout Frank
Joost Agema 1751
Joost Gonggrijp bakker (mr) 1782
Joost Harmens Gonggrijp tinnegieter (mr) 1737
Joost van der Voorde hopman 1661
Jouke Olinjus
Junius Alema 1789
Junius Alema secretaris van barradeel 1658
Junius Munter 1748
Junius Petrus Munter 1765
Jurjen Scheltes Fontein 1647
Jurjen Upckes Watnia
Jurrien Innes
K. van de Bos
K. Dijkstra
Klaas Blok
Kleis Lanting 1778
L. de Boer
Laes Laessen Hannema 1719
Laes Laessen Hannema 1656
Laes Laessen Hannema 1654
Laes Haselaar chirurgijn (mr) 1728
Lambert de Gavere
Lambertus Albada
Lammert Hauckema
Lammert Pijters Ykema 1680
Laurens Tabes 1773
Laurens Jansen Clinckhamer 1757
Leenert Cornelis Croddebosch 1660
Lieuwe Jarichs 1637
Lieuwe Hiddes Tjesma 1775
Lijckle Andries
Livius Rijpema zoutzieder, apotheker 1727
Lolke Jarigs Westra 1729
Lolle Jacobs Cock schoenmaker (mr) 1713
Lolle W Steensma
Louis adolf van der Stok
Lourens Jacobs van Asperen gortmaker (mr), vaandrig 1692
Luytjen Haebes
M Vellinga
Magnus van Arsen 1770
Marten Ockes scheepstimmerman 1678
Marten Bos
Meije Harmens Meijer 1764
Menelaus Hillebrands rentmeester (gewezen) 1689
Menno Tuininga 1792
Menno Vink
Michel Gabbes 1639
Michiel Martens Schienhout wijdschipper 1683
Nicolaas Simonsz
Nicolaus Dionisius dr
Obbe Hansen
Oeds Wijbes
Oege Veenstra 1783
Olphardus Belida rector der latijnsche school 1671
Otto Knijf 1694
P.j. Dekker
Paul h.m. Scheffer
Paulus de Boer
Paulus Jansen Innema 1656
Paulus Strooband
Paulus Wellinga
Pauwel Jansen Wiltfang wijnkoper 1675
Petrus Couperus
Petrus anneus Amelander
Philippus Belida advocaat van den hove van friesland 1707
Piebe Oedses 1659
Pier Foeckes
Pier Jarigs Bretton 1748
Pier Annes Rheen 1642
Pierre Peaux
Pieter Claessen 1671
Pieter Lubberts
Pieter Adama zijlstra
Pieter de Bruin 1767
Pieter van Buiten
Pieter Jacobs Clinckhamer goudsmid (mr) 1698
Pieter Upckes Cromwal
Pieter Deketh
Pieter Wijbrants Nauta 1678
Pieter Hoijtes Reidsma 1735
Pieter Rodenhuis
Pieter van Sickinghe 1578
Pieter Tetrode
Pieter de Waard 1738
Pieter Cornelis Wijngaarden 1738
Pieter joseph Coulbout
Pijbe Bauckes
Pijbe Haijes Sinnema brouwer 1654
Pijter Hijlkes Coolhart 1676
Pijtter Pijtters Oldaens wijdschipper, koopman 1691
Reijner Reins
Rein Lolkes 1667
Rein Brouwer 1787
Rein Hendriks Faber
Rein Hendriks Faber 1729
Rein Sijtses Kimstra apotheker 1707
Rein Longerhou
Rein Sikkes Menalda vaandrig 1727
Rein Sybeda 1746
Rein Upckes Vogelsangh
Rein Ydes Wijnia hopman 1638
Rembartus Popta hopman 1659
Reyner Claesz
Reyner Hendricx
Riemer Teunis Faber
Riemer Jurians Wijngaarden 1662
Rinnert Oedses Grettinga 1653
Rinnert Arents Wijnsma bakker (mr) 1698
Rintje Douwes wijdschipper 1684
Roelof willem Meintz
Ruurd Ulbes Gerolsma bakker (mr) 1699
Saecke Romkes Gaesma 1694
Saeff Hendricks
Sake Timens Sibesma bakker (mr) 1739
Schelte Pieters timmerman
Schelte Aitsema secretaris van het college ter admiraliteit in friesland 1653
Schelte Jurjens Fontein hopman 1677
Seerp IJsbrandi
Seerp Stevens Swerms goudsmid (mr)
Sibout Sierks Hoornstra
Sibout Sierks Hornstra 1725
Sibren Pauw vaandrig 1715
Sicco Reins Menalda 1740
Siebren Pieters Molenaar
Sierck Harmens 1641
Sierck Dirks Hilaarda chirurgijn (mr) 1726
Sijbe de Vries
Sijbrandus Bechius advocaat van den hove van friesland 1700
Sijbren Sijbrens Cannegieter tinnegieter (mr) 1727
Sijbren Sijes Hilma koekebakker (mr)
Sijds Altena 1767
Sijds Schaaf
Sijmen Cornelis Huidekoper schoenmaker (mr)
Sijmon Jansen
Sijtse Pieters Fogelsang
Sikke Popta
Sikke Yzenbeek
Simon Heins
Simon Blom
Simon Friezeman
Simon Hiddema 1749
Simon Annes Jorna 1711
Simon Sloterdijk 1707
Simon Willems Sloterdijk 1703
Sioerd Claessen Schrik 1738
Sipke Willems Houtsma
Sjoerd Pieters Bierma 1727
Sjoerd Bouwes Bosscha 1758
Sjoerd Tjebbes Popta 1639
Sjoerd T Schrik 1790
Sjoerd Simons Wijma
Sjoerdt Sijrx
Stephanus Stephani 1772
Stittert Jetses Bontekoe 1747
Sweer Thomas 1679
Sybrand Hingst
Sybrandt Wybrandts
Sybrandt G Hingst
Sybren Hittinga
T. Westerhuis
Taede Gerardus Steensma 1749
Taeke Wijbrants Jellema bakker 1683
Taeke IJdes Koolhaart 1711
Taeke Taekes Lauta hopman 1652
Taeke Sierds Schrik 1748
Taeke Stephani wijnhandelaar 1763
Taeke Stephanus Stephani
Tarquinius Theodori notaris 1667
Teunis Intes
Teunis Norbruis
Theodorus Keth ontvanger der boelgoederen 1667
Theodorus Stansius 1705
Thomas Feick
Thomas Meijer 1754
Thomas Aukes Nauta 1686
Thomas Lamberts Salwarda
Thomas Huijberts Wijngaarden waagmeester 1712
Tiberius Templar hopman 1653
Tijmen Dirks vaandrig 1651
Tjalle Bosscha 1783
Tjalle Arjens Fopma 1730
Tjebbe Jelmers
Tjebbe Spannenburg 1757
Tjeerd Bouwens hoedenmaker (mr) 1720
Tjeerd Cornelis Brouwer kapitein op het statenjacht 1751
Tjeerd Innes Innema bakker
Tjepcke Jansz
Tjepcke Jansz
Tjepke Gratama
Tjepke Hillema 1756
Tjerk Hiddes de Vries
Ulbo Hania 1745
Vincent Heinsius dr 1739
W. Dokter
W. Koning-souverein
W. van der Wijk
W.h.s. baron van Heemstra
Watze Haanstra 1772
Watze Dirks Harda 1716
Wibrant Jurjens Kuyper
Wieger Harmens
Wieger Freerks Mockema goudsmid (mr) 1727
Wijbe Gerrits
Wijbe Sjoerds Wiltschut vaandrig (oud) 1708
Wijbrandus van Itsma 1759
Wijbren Wijngaard 1760
Wijtze Meynerts
Wijtze Machiels Wassenaar wijdschipper, olderman v/h gilde 1674
Wilhelmus Hillebrands dr 1680
Willem Egberts
Willem Sijmens 1651
Willem Ages Baard 1762
Willem Dircks Keth
Willem Sandt van nooten
Willem Anskes Zeestra goudsmid (mr) 1729
Wiltetus Jelgersma 1747
Wiltetus Jelgersma apotheker 1704
Wopke Bouma lakenkoopman 1761
Wopken Jansen Acker zoutzieder, grootschipper 1685
Wybe Hanekuik
Wybe Jacobs Hanekuik
Wyger Harmens
Yde Hoornstra
Zierk Nauta apotheker 1700